Astrid Holleeder ANP

© ANP

Astrid Holleeder na tien jaar hyperalert: ‘Zodra iets afwijkt, denk ik dat ik erin ben geluisd’

Astrid Holleeder heeft tien jaar lang dag en nacht haar eigen veiligheid moeten bewaken. Hoewel ze die verantwoordelijkheid inmiddels grotendeels kan loslaten omdat ze extreem goed wordt beveiligd, blijft ze ieder afwijkend detail onmiddellijk analyseren.

In de podcast van Dai Carter vertelt Astrid Holleeder dat ze vroeger dacht dat stress geen vat op haar had, mede doordat ze ermee opgroeide. ‘Zenuwstelsel? Het zenuwstelsel doet wat ik wil en niet andersom’, herinnert ze zich haar instelling. Inmiddels weet ze beter. ‘Dat ben ik wel tegengekomen.’

Astrid Holleeder
Lees ook Astrid Holleeder geniet weer van vrijheid na jaren angst: ‘Ik kan eindelijk slapen’

Astrid Holleeder altijd voorbereid op een overval

Tien jaar lang was Astrid hyperalert, omdat ze alleen was en niemand anders op haar kon letten. ‘Ik ben mega voorbereid op alles. Je kan mij geen situatie geven dat ik niet de spullen heb om daarop te kunnen reageren en te anticiperen. Maar dan moet ik wel wakker zijn. Ik weet natuurlijk wat het is om niet op tijd wakker te zijn’, vertelt ze. Sinds de Heineken-ontvoering slaapt ze nooit meer in het donker. ‘Dat heb ik geleerd bij de Heineken-ontvoering, toen de deur eruit werd geblazen en ik natuurlijk helemaal niks zag aankomen (…) dat moment ben ik nooit vergeten hè, sinds dat moment slaap ik nooit meer in het donker. Altijd voorbereid. Maakt niet uit waar ik ga, ik ben altijd voorbereid voor dat moment dat mensen je zo, in je slaap, overvallen. Dat heb ik meegenomen naar het nu. Dus ik ben hyperalert ook nu.’

Tegenwoordig is ze extreem goed beveiligd. ‘Ik hoef dus niet meer na te denken.’ Toch blijft ze opletten. Toen een onbekende vrouw haar na een storing kwam ophalen, vertrouwde ze de situatie niet. ‘Ik kom jou ophalen er was even een storing’, zei de vrouw. Astrid dacht meteen: ‘Dat ga ik helemaal niet doen, want ik weet niet wie jij bent. Dat is typisch iets wat mijn broer zou doen, een vrouw sturen om maar te zorgen dat ik niet alert ben.’ Ze ging eerst naar het toilet om tijd te rekken en na te denken over een uitweg. Vervolgens liep ze mee naar de deur en scande ze alles om te controleren of het verhaal klopte. Ook de onbekende auto bekeek ze zorgvuldig. Pas toen de deur openging en ze labels herkende, stapte ze in.

Tekst gaat verder onder video met Astrid.

Astrid Holleeder: ‘Dan denk ik: tering, ik ben erin geluisd’

Enkele dagen voor de podcastopname zat Astrid bij iemand in de auto die een verkeerde afslag nam. ‘Dan denk ik: tering, ik ben erin geluisd.’ Helemaal loslaten lukt haar daardoor niet, al komt ze naar eigen zeggen wel in de buurt. Zodra iets afwijkt van het verwachte patroon, grijpt ze in. ‘Laatst ook, heb ik iemand voor me en dan denk ik: jij bent echt niet dit type. Dit past niet bij het type dat mij moet ophalen. Dan stap ik niet in. Sorry maar ik ga jou eerst verifiëren want jij ziet er veel te casual uit. Jij ziet er niet uit zoals jij er voor mij uit moet zien. “Is goed, doe maar”. Dan zeg ik: “Waar is je bijrijder?”, “Die staat net even op de uitkijk.” Ik zeg: “Luister nu ben ik helemaal klaar.” Sorry, dan stap ik niet in. Want als ik eenmaal instap en die deuren gaan dicht en die gaan op slot, dan weet ik wat me te wachten staat.’

Over de wraak van Willem Holleeder

Ze hoopt dat een eventuele aanslag beperkt blijft tot een schot, maar verwacht dat de wraak verder zal gaan. ‘Ik realiseer me heel goed dat de wraak vraagt om veel meer. Die vraagt om lijden, die vraagt om wat ik hem heb horen uitspreken over mijn zus. Fileren, huid eraf, toekijken. Dus ik maak me geen illusies dat het een schot wordt. Dus in die zin ben ik altijd alert ja.’ Haar grootste vrees is dan ook dat ze langdurig zal moeten lijden. Over haar broer zegt ze: ‘Hij heeft natuurlijk ook tien jaar af moeten zien in die EBI.’ Dat is volgens haar echter niet het ergste wat ze hem heeft aangedaan. ‘Ik heb hem gestript van al zijn bekendheid, roem, beruchtheid. Ik heb hem natuurlijk gestript van de persoon die hij naar de buitenwereld had willen zijn.’ Astrid verwacht dat ze daarvoor zwaar zal moeten betalen.

Tekst gaat verder onder podcast.

Angst als bron van informatie

De voortdurende alertheid breekt Astrid Holleeder naar eigen zeggen niet op. Ze ziet haar angst niet als een emotionele reactie, maar als informatie waarmee ze bekende gedragspatronen kan voorspellen. ‘Het slachtoffer is de voorspeller. We hebben het heel veel over femicide. Dan worden vrouwen verhoord en dan vertellen ze bijvoorbeeld: het is nu stil. De rechercheur denkt: dat is mooi, dan ben je nu eigenlijk alleen maar een beetje ongerust. Nee, wat zij vertelt is een patroon. Het is nu stil en er is altijd stilte voor de storm. De manier waarop zo’n vrouw verklaart over het gedrag van die mannen, dat wordt geïnterpreteerd als een emotie bij die vrouw. Maar het is geen emotie, dat is het voorspellen van een patroon dat zij kent.’

Zelf heeft ze het gedrag van Willem jarenlang bestudeerd. Daarvoor hoeft ze niet meer naast hem te zitten. ‘Ik ben niet bang voor mijn broer, ik weet dat ik angst voor hem moet hebben en die angst is mijn informatie. Die angst geeft mij informatie dat ik die maatregelen moet nemen.’ Voor anderen zijn zulke signalen moeilijker te herkennen, waardoor het soms lastig is haar kennis over te brengen aan de mensen die haar moeten beschermen. Toen zij en haar zus begonnen als getuigen, kregen ze bijvoorbeeld te horen: ‘Nou er is niks aan de hand, want hij ontvangt geen bezoek.’ Astrid zag daarin juist een reden om extra alert te zijn. ‘Dat is precies waarom je nu heel erg alert moet zijn. Als hij geen bezoek ontvangt, wil hij zijn alibi niet kwijt. Dan wil hij geen lijntjes met buiten creëren, dan wil hij geen gesprekjes op gang brengen buiten.’

Uit andere media


Meer van Redactie