×
AdBlock gedetecteerd!

Beste bezoeker,

Wij zien dat je een adblocker gebruikt die ervoor zorgt dat je geen advertenties ziet op onze website. Dit vinden wij jammer, want de artikelen op onze website zijn mede dankzij deze advertenties gratis te lezen en bekijken. Wil jij een uitzondering maken voor onze website of meer lezen over de wijze waarop wij met advertenties omgaan? Klik dan hier.

Aad van Toor geopereerd

'Het had veel erger kunnen zijn'

11.07.2018 -

Aad van Toor is nog maar nét bekomen van de schrik. Twee maanden geleden werd er bij Nederlands beroemdste acrobaat, die al jaren in Spanje woont, huidkanker geconstateerd. Aan Weekend vertelt hij deze week exclusief hoe het nu met hem gaat.


‘Ik ontdekte per toeval een plekje op mijn hoofd dat daar volgens mij niet hoorde. Ik had er in ieder geval meteen een raar gevoel over,’ vertelt Aad vanuit zijn woning in Spanje. Onlangs moest hij noodgedwongen terug naar Nederland om zich door zijn artsen te laten behandelen. ‘Inmiddels ben ik in Nederland geweest en hebben mijn doktoren in Rotterdam alles weg­gehaald. Gelukkig is het achteraf allemaal heel erg meegevallen, want inmiddels weet ik dat het veel erger had kunnen zijn.’

Zoals het er nu naar uitziet hoeft Aad geen verdere behandelingen te ondergaan, maar zal hij wel met regelmaat gecontroleerd moeten worden. ‘De plek op mijn hoofd waar de kanker zat is helemaal weggesneden en de wond is genezen. Ik heb wel een litteken van zo’n zes tot acht centimeter, maar dat interesseert me niet. Je moet echt goed kijken om te weten dat ik daar ben geopereerd. Bovendien draag ik tegenwoordig petjes als ik naar buiten ga. Ik mag heel blij zijn dat ik er zo gemakkelijk vanaf ben gekomen tot nu toe.’ De acrobaat beseft zich maar al te goed dat hij door het oog van de naald is gekropen. ‘Als ik er niet op tijd bij was geweest, dan had de kanker zich kunnen uitzaaien en veel meer schade aan kunnen richten. Wie weet hoe het dan was afgelopen. Ik kan dus alleen maar heel dankbaar zijn dat verdere ellende me bespaard is gebleven.’

Foto: Reni van Maren

Reacties