×
AdBlock gedetecteerd!

Beste bezoeker,

Wij zien dat je een adblocker gebruikt die ervoor zorgt dat je geen advertenties ziet op onze website. Dit vinden wij jammer, want de artikelen op onze website zijn mede dankzij deze advertenties gratis te lezen en bekijken. Wil jij een uitzondering maken voor onze website of meer lezen over de wijze waarop wij met advertenties omgaan? Klik dan hier.

Jim Bakkum heeft niets met oppervlakkigheid

19.12.2017 -

Voor zijn rol als stripper in Onze Jongens moest Jim Bakkum maandenlang keihard trainen. Maar als het moet, zou hij het zo weer doen.


'Als er een sequel komt, ga ik met liefde die sportschool weer in. Ik vond het een geweldige tijd; negen maanden lang werd ik betaald om te sporten. Dag in dag uit werkte ik met mijn trainer toe naar het eindresultaat', zegt Jim in Viva.

'Het was natuurlijk ook zwaar, zeker in combinatie met het dieet', vervolgt hij. 'Je doet het niet zomaar even. Ik merk dat ik sindsdien trouwens steeds vaker scripts onder mijn neus geduwd krijg waarin mijn rol omschreven wordt als ‘knappe, gespierde jongen’. Oh help, denk ik dan. Ik hou ook gewoon van eten, hè mensen. Als dit het hokje is waarin ze me willen hebben, dan blijf ik aan de gang. Nee hoor, mij zul je nooit horen klagen. Ik weet dat ik ontzettend bevoorrecht ben dat ik zo veel toffe dingen mag doen', aldus Jim. 

In zijn nieuwste film, de filmkomedie Huisvrouwen Bestaan Niet, speelt Jim een gladjakker: 'Het was heel fijn om een keer iemand te spelen die ver van me afstaat. Ik speel een gladde reclamejongen die zichzelf net iets te leuk vindt. Ik heb er speciaal een fout ringbaardje voor laten staan'. 

Privé is Jim een hele andere man. Hij gaat weinig uit en heeft een hekel aan oppervlakkigheid: 'Gewoon een beetje drinken en goed bijpraten: daar hou ik van. Dan wil ik echt weten hoe het met iemand gaat, het echt ergens over hebben. Met alleen maar oppervlakkig gelul heb ik niets. Sterker nog: daar kan ik slecht tegen'. 

Huisvrouwen bestaan niet is vanaf 20 december in de bioscopen te zien.

Foto: © Reni van Maren

Reacties