Column Marc van der Linden – Charmeoffensief in de supermarkt

Nu we bezig zijn met het terugblikken op 2020 kunnen we wel stellen dat het voor vrijwel iedereen een moeilijk jaar is geweest. Alleen de supermarkten, doe-het-zelfzaken, bakkers, groenteboeren en slagers draaiden naar eigen zeggen elke week kerstomzetten. Maar ook zij zijn niet echt blij, want zij hebben vaak buren die wel hard getroffen zijn. En dan heb ik het nog niet eens over de sociale contacten die eenieder heeft moeten missen. Ik loop de deur niet plat bij mijn ouders en omgekeerd ook niet. Dat heeft geen reden, het is zo gegroeid en we vinden dat allemaal prima. Een kopje koffie, twee zelfs, en dan tot de volgende keer. Maar als het ineens beter is om elkaar helemaal niet te zien, dan ga je elkaar wel missen. En veel  tachtig- en negentigplussers die door hun hoge leeftijd toch al een kleinere sociale kring hebben, zagen die alleen maar nóg kleiner worden. Als het om de koninklijke familie gaat, valt het jaar op te delen in twee periodes. De eerste negen maanden was er vooral waardering. De meeste ouderen die ik sprak, vonden de toespraak van de koning op de Dam indrukwekkend. Hij stond bij Dodenherdenking op een nagenoeg lege Dam en legde een verband tussen de oorlog en de coronaperiode. Destijds toonden veel mensen hun solidariteit niet met bijvoorbeeld Joodse stadsgenoten die weggevoerd werden uit angst of schaamte, maar in elk geval vanuit onmacht omdat alle democratische middelen om te protesteren er niet meer waren. Maar corona bracht ons in een tijd waarin solidariteit noodzakelijk was, zo luidde het betoog van de koning. Uit vrije wil, zo zei hij toen nog. Maar die vrije wil ontbrak, vooral toen we nog niet volledig veilig waren, maar corona wel uit het nieuws was verdwenen. Jongeren, die gemiddeld genomen hooguit een paar dagen flink ziek werden van corona, pakten hun leven weer op, maar al snel bleek dat een bezoekje aan oma in de periode dat ze al besmet waren desastreuze gevolgen kon hebben voor bewoners van tehuizen en verplegend personeel.

Ook de koning, koningin en prinses Beatrix gingen flink in de fout. Uitgerekend een paar dagen nadat premier Rutte Nederland had opgeroepen vooral niet op vakantie te gaan, vertrokken zij naar zonnig Zuid-Europa. Beatrix ging naar Italië en het gezin van de koning naar Griekenland. De gevolgen zijn bekend. De Oranjes kwamen snel terug en premier Rutte nam alle blaam op zich. Hij had met name de koning staatsrechtelijk gezien moeten verbieden te gaan. Maar voor veel Nederlanders was dat maar bijzaak. Waar was het morele kompas van het koningspaar zélf dat ze toch naar Griekenland waren vertrokken, terwijl de meeste Nederlanders al het hele jaar niet weg waren geweest? De schuldbekentenis op tv in Paleis Huis ten Bosch hielp maar een beetje. Eigenlijk was voor veel Nederlanders de glans er wel vanaf. Die komt ongetwijfeld terug, zeker als we straks na de vaccinatie weer rijen dik achter de dranghekken bij Koningsdag kunnen staan. Maar of dat al in 2021 zal zijn, is de vraag. Dit jaar is Koningsdag woningsdag geworden. De koning vond dat verschrikkelijk en bezwoer op 27 april: dit nooit meer. Koningsdag 2021, in Eindhoven, wordt waarschijnlijk een tussenversie, met beperkt publiek. Maar of de streek- en staatsbezoeken die gepland staan wel door kunnen gaan, is nog zeer de vraag. Voor een koningshuis is het echter belangrijk om zichtbaar te zijn. Te lang uit beeld is niet goed. En tot die tijd kan er helemaal geen vakantie worden gevierd. De koning mag daar zeker niet over klagen, want met zijn enorme tuin en de diverse paleizen die hij heeft, heeft zijn gezin veel meer ruimte dan de gemiddelde Nederlander. Alleen dat mooie vliegtuig moet hij voorlopig maar even laten staan. Wij hebben het iets beter, want wij moeten immers nog een paar keer per week boodschappen doen. Misschien moeten de koning en de koningin dat ook maar gaan doen. Het zou zeker een charmeoffensief zijn.

Geef een reactie

Gerelateerde artikelen